woensdag 8 mei 2013

Pumayyaton


          PUMAYYATON

 

          Pmy(y)tn (fen), Pumaton (Atheneus IV 167c), Pugmaion (Hésychios in

          Lexicon), Pugmalion (Diodoros XIX 79,4).

          Betekenis: Pumay heeft gegeven.

 

          Koning van Kition en Idalion van 361 ‑ 312 v.C.

          Zoon en opvolger van MILKYATON.

          Hij staat een halve eeuw aan het hoofd van het koninkrijk Kition en

          Idalion en een wat kortere periode ook aan het hoofd van het gebied van

          Tamassos.

 

          Pumay (pmy=fen) is waarschijnlijk een Cypriotische godheid, waaraan zelfs

          een gedenksteen in Nora (Sardinië uit de 9e/8e eeuw v.C is gewijd (KAI

          46).

          Volgens Hésychios in Lexicon onder Pugmaion zou dit de Cypriotische

          pendant van de Fenicische Adonis kunnen zijn. Het zou dan een god van de

          vegetatie zijn, die sterft en weer tot leven komt. Een aloud

          Kanaänietisch verhaal.

 

          Hiernaar zou dan koning Pumayyaton vernoemd zijn. Alleen stond hij na

          zijn executie en na 50 jaar regeren niet meer op.

 

          Beroemde naamgenoten zijn:

          1.Een legendaire koning van Cyprus onder de naam Pygmalion. De legende

          gaat als volgt: Als vrijgezel gaf Pygmalion al zijn liefde aan een

          uitzonderlijk mooi standbeeld van een jonge vrouw. Het is Aphrodite, die

          het beeld tot leven wekt, waardoor Pygmalion zijn Galatea kan trouwen.

          2.Koning van Tyrus tussen c.831‑785 v.C. Hij is de zoon van Mattan I en

          de broer van Elissa. Flavius Josephus noemt hem ook Pygmalion.

 

          Numismatiek: Er is slechts een enkele munt bekend.

 

          De ijkingspunten:

          361  1 Pumayyaton volgt zijn vader op.

          360  2

          359  3

          358  4

          357  5

          356  6

          355  7

          354  8  Wijding CIS I 92 te Tamassos

          353  9

          352 10

          351 11

          350 12  Verwerving van het gebied Tamassos

          349 13

          348 14

          347 15

          346 16

          345 17

          344 18

          343 19

          342 20

          341 21  Wijding CIS I 10 te Kition

          340 22

          339 23

          338 24

          337 25

          336 26

          335 27

          334 28

          333 29

          332 30  Helpt bij beleg van Tyrus? / afstand van Tamassos

          331 31

          330 32

          329 33

          328 34  Wijding uit Dromolaxia

          327 35

          326 36

          325 37  Wijding te Kition

          324 38

          323 39  Alexander sterft

          322 40  Pumayyaton kiest partij voor Antigones

          321 41

          320 42  De Kilikiër‑inscriptie

          319 43

          318 44

          317 45

          316 46

          315 47

          314 48

          313 49

          312 50  Pumayyaton sterft te Kition

          Einde van het Fenicische koningsschap in Kition en Idalion.


 

 

          361  1 Pumayyaton volgt zijn vader op.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑-----------------

          De leeftijd waarop hij Milkyaton opvolgt, is onbekend. Waarschijnlijk is

          dit tussen de 20 en 30 jaar geweest, want hij leeft nog een halve eeuw

          en wordt dus normaal gesproken minstens 70 tot 80 jaar. Het kan ook zijn,

          dat hij reeds als kind opvolgde en dan wordt hij dus minder oud. Waarschijn-

          lijk is dat niet, want ook Milkyaton moet met zijn dik dertig regeringsjaren al

          op gevorderde leeftijd zijn geweest.

 

          360  2

          ‑‑‑‑‑‑‑--

          Van de eerste jaren is niet veel bekend. Anders dan zijn vader, behoeft

          hij niet vanaf het begin voor zijn kroon te strijden. Dat moet wel

          Evagoras II van Salamis, die al na enige jaren verjaagd wordt door zijn

          neef Pnytagoras. In Klein‑Azië wordt het Perzische gezag hersteld.

          In Byblos regeert El Paal. De relatie tussen Kition en Salamis staat op

          gespannen voet. Het is niet duidelijk met welke van de Fenicische steden

          op het vasteland Kition de beste betrekkingen onderhield. Van oudsher is

          dat Tyrus, maar daar zijn nu geen aanwijzingen voor.

 

          359  3

          ‑‑‑‑‑‑‑--

          Het Perzische rijk komt onder Artaxerxes III te staan.

          Ten noorden van het heiligdom van Melqart en Astarte op de Bamboula

          heuvel bevindt zich een militaire haven, die vergelijkbaar is met die

          van Carthago. Waarschijnlijk is de aanleg hiervan al ten tijde van

          Milkyaton begonnen.

 

          358  4

          ‑‑‑‑‑‑‑--

          In Lapethos is nog Demonikos aan het bewind. Deze plaats op de noordkust

          van Cyprus houdt na Kition nog het langst zijn Fenicische erfenis vast. In de

          meeste Cypriotische steden schijnt het Griekse stempel duidelijker aanwezig

          te zijn.

 

          357  5

          ‑‑‑‑‑‑‑‑-

          In Sidon verschijnt Tennes ten tonele. Zijn volledige naam is Tabnit‑

          Asjtart=beeltenis van Asjtart. Het is dus eigenlijk Tabnit III. De Perzische

          aanwezigheid en afdracht aan de Perzen schijnt steeds hoger te worden.

          De onvrede in de Fenicische kuststeden groeit en dat houdt ook gelijke

          tred met de groei van de Griekse invloed.

 

 


 

          356  6

          ‑‑‑‑‑‑‑‑-

          Koning Philippos van Macedonië begint zijn rijk vorm te geven. Tijdens

          de z.g. bondgenoten krijgt hij vaste voet aan de noordkust van de

          Egeïsche zee. Demosthenes begint te waarschuwen tegen het naderende

          gevaar. De tweede Attisch‑Delische zeebond is uit elkaar gevallen.

 

          355  7 Wijding CIS I 14 te Kition.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑---------------

          Het exacte jaar van verschijnen is niet bekend, maar het moet in ieder

          geval voor 350 v.C zijn gebeurd t.t.v. de regering van Pumayyaton, die

          nog niet als heerser over Tamassos wordt aangeduid. Wijding te Kition.

          CIS I 14:

 

          Reconstructie:

          1.[bymm ?? lyrh ......]

          2.[bsjnt ?? lmlk pmy]yt[n]

          3.mlk kty w['d]yl bn

          4.[ml]kytn m[lk] kty [w]

          5.['dy]l mnh.t 2 'l '[sj‑]

          6.[tn w]yt.n' *bd'l[m]

          7.[bn] *bdmlqrt bn [*bd‑]

          8.[r]sjp l'dny l[rsjp]

          9.[mk]l yb[rk]

 

          Vertaling:

          [Op de dag ... van de maand ... van het jaar ... van de koning

          Pumay]yt[n], koning van Kition en [Id]alion, zoon van [Mil]kyaton,

          koning van Kition [en Idalion] werd geofferd en g[ewijd en o]pgericht

          door Abdel[im, zoon van] Abdmelqart, zoon van [Abd‑Re]sjef voor zijn

          heer [Resjef‑Mik]al. Dat hij hem goed [doet].

 

          Stamboom:

 

          Abd‑Resjef >> de grootvader stamt waarschijnlijk uit de het laatste kwart

          V             van de 5e eeuw (c.405?).

          V

          Abdmelqart >> de vader kan nog het begin van de regering van Milkyaton

          V             hebben meegemaakt (c.380?).

          V

          Abdelim

 

 

 


 

          354  8  Wijding CIS I 92 te Idalion.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑---------------

          Leesbaar in eerste instantie is:

          xxxxxxxxxxxxkty . w'dyl . bnmlk . mlkytn

          xxxxxxxxxxxxxrh.krrbsjnt sjmn /// /// // lmlky *l

          xxxxxxxxxxxxxxxxxxx

 

          ...........Citii et Idalii, filius regis Melekjatonis,

          ............sis carar, anno octavo VIII regni ejus super

          .........................

 

          Door vergelijking met andere inscripties kan tot de volgende verdere

          invulling worden besloten:

 

          [Simulacrum hoc (est) quod dedit rex Pumaejaton rex] Citii et Idalii,

          filius regis Melekjatonis,

          [regis Citii et Idalii, deo suo Resjef‑Mikal, m]ens[e]sis carar, anno

          octavo VIII regni ejus super

          [Citium et Idalion, quia audiit vocem, benedicat.]

 

          Met andere woorden:

          Dit beeld werd gewijd door de koning Pumayyaton, koning van Kition en

          Idalion, zoon van de koning Milkyaton, koning van Kition en Idalion voor

          zijn god Resjef‑Mikal in de maand Karar in het 8e jaar van zijn regering

          over Kition en Idalion, opdat hij zijn stem zal horen. Dat hij hem goed

          zal doen.

 

          De inscriptie bevindt zich in het Brits Museum te Londen.

          P.Magnanini + CIS dateren op c.350 v.C. In feite is het dus een paar

          jaar eerder.

 


 

          353  9 Wijding te Kition.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑-----------

          Het exacte jaartal is niet bekend, maar de volgende regels zijn in ieder

          geval voor 350 v.C te plaatsen. Het betreft twee marmeren fragmenten uit

          Kition, welke nu aanwezig zijn in het Metropolitan Museum te New York.

          Fragment A met 1 kleine inscriptie:

          ....[ml]k mlkytn ....

          Alleen de naam van koning Milkyaton is zichtbaar. Dat geldt niet voor

          fragment B met de inscriptie:

          ......[b]n *b[d]mrny l'dny l'sjmmn mlq[rt].....

          ......[zo]on van Abdmirny aan zijn heer Esjmoen‑melq[art]....

          De complete inscriptie zou volgens Magnanini (Kition 39) als volgt

          kunnen zijn:

          1.[bymm ... lyrh. ... bsjt ... pmyytn mlk kty w'dyl bn ml]k mlkytn [mlk

          kty w'dyl]

          2.[mnh.t 'z ytn .... b]n *bdmrny l'dny l'sjmn mlq[rt]

          3.[ksjm* ql ybrk]

          Vertaling:

          [Op de ... dag van de maand ... in het jaar ... van de koning

          Pumayyaton, koning van Kition en Idalion, zoon van de ko]ning Milkyaton,

          koning van Kition en Idalion, werd geofferd en gewijd door ... zo]on van

          Abdmirny, aan zijn heer Esjmoen‑Melqa[rt, opdat hij zijn stem hoort. Dat

          hij hem goed doet.]

 

          Degene, die de wijding verricht, blijft helaas onbekend en de naam van

          zijn vader komt niet of nauwelijks voor. Het betekent dienaar van MRNY.

          Dit is een Cypriotische godheid en wellicht identiek aan Smyrna/Myrrha,

          moeder van Adonis (Krahmalkov blz 312).

 

          352 10

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          Omstreeks deze tijd verwerft even Rome de hegemonie in Italië. De

          Samnieten en de Latijnen worden verslagen. Capua sluit zich met Campanië

          aan bij Rome. Demosthenes schrijft zijn eerste Philippica. Macedonië en

          Rome zijn de staten in opkomst en zij zullen het toekomstige beeld van dit

          deel van de wereld gaan bepalen. Kition is eigenlijk een miezerig klein

          staatje, dat onder de parapluie van de Perzen een redelijk goed bestaan

          leidt. Wellicht is ook de druk van de Perzen op het eiland Cyprus wat minder

          stringent dan op het vasteland.

 

          351 11

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          Evagoras II probeert Salamis terug te veroveren, maar die poging mislukt

          klaaglijk. In Kition heeft Pumayyaton zijn eerste decennium volgemaakt en

          horen eigenlijk niets van rampen of oorlogen.

          In Arvad is een Gerasjtarte aan het bewind.

          Het Perzische leger wordt in de Nijldelta verslagen en dat heeft tot

          gevolg, dat in de Levant het komt tot opstanden tegen het Perzische

          bewind.

 

          350 12  Verwerving van het gebied Tamassos.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑--------------------------

          Voor 50 talenten neemt Pumayyaton het gebied van Tamassos met zijn

          belangrijke kopermijnen over van Pasikypros van Amathos (volgens

          Atheneus). Het gaat het koninkrijk Kition voor de wind, want Pumayyaton

          kan de forse som van 50 talenten ophoesten. Het is ook typisch

          Fenicisch: liever iets kopen dan door strijd trachten te verwerven.

          Het is overigens merkwaardig, dat een dergelijke vreedzame overdracht

          plaats vindt. Wat mag Pasikypros bewogen hebben om zo’n “goud”mijn

          op te geven en hoe kwam hij vanuit Amathos er eigenlijk aan?

          Tennes van Sidon laat zich verleiden tot een anti‑Perzische politiek.

          In Lapethos komt Praxippos I aan de macht.

          Omstreeks dit jaar regeert Adramelek (Adirmilk) te Byblos.

 

          349 13

          ‑‑‑‑‑‑‑‑-

          Tennes van Sidon is een coalitie aangegaan met Nectanebo II van Egypte

          en die stuurt hem 4000 Griekse huurlingen onder de leiding van Mentor

          van Rhodes (Diod.XVI 42,2). Het is de voorbode voor een groot conclict.

          Tennes gaat de toekomst van zijn stad in de waagschaal stellen. Is de

          Perzische bemoeienis zo indringend geworden, dat het niet meer te tole-

          reren is? En/of heeft Tennes de indruk, dat hij met succes het kan opnemen

          tegen het Perzische wereldrijk? Heeft hij afgezien van Egypte en Mentor

          meer ondersteuning?

 

          348 14

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          De satrapen Mazaios en Bélysés worden door Tennes met zijn huurlingen

          verslagen. Eerste gewin is kattegespin. Het enige wat echter bereikt wordt,

          is, dat Artaxerxes III wordt wakker geschud. Hij begint een grote mobilisatie.

          Van Kition kan alleen gezegd worden, dat het zich hoogstwaarschijnlijk afzijdig

          heeft gehouden.

          Carthago en Rome sluiten een verdrag. Rome begint een duidelijke rol te

          spelen en Carthago speelt in het westen de grootmacht en is eigenlijk de

          enige macht, die het op kan nemen tegen de Grieken.

 

          347 15

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          Artaxerxes III Ochos komt met een groot leger orde op zaken stellen bij

          Sidon. Tennes zou daarbij zijn eigen stad hebben verraden, die met zijn

          inwoners in vlammen opgaat. Dan is het wel vreemd, dat hij toch door de

          Perzen terecht wordt gesteld. Waarschijnlijker is het dan ook, dat

          Mentor van Rhodes de verrader is. Mazday en daarna Evagoras II volgen

          even in Sidon Tennes op. Dit kan ook 1 of 2 jaar later gebeurd zijn!

          In dit jaar zien we weer een echte koning in Tyrus verschijnen: Azimilk.

 

          346 16

          ‑‑‑‑‑‑‑‑-

          Het is goed mogelijk, dat Praxippos te Lapethos aan de anti‑Perzische

          coalitie heeft meegedaan, want hij wordt nu vervangen door weer een

          echte Feniciër: Bereksjemesj. Het betekent zoiets als: “dat de zon goed

          doet.”

 

          345 17

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          In Byblos regeert Ozbaal. Nieuws is er eigenlijk niet uit dit jaar voor wat

          betreft Kition.

 

          344 18

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          Timoleon reist af naar Syracuse. De 2e Philippica van Demosthenes.

 

          343 19

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          Artaxerxes III weet Egypte weer te veroveren in drie veldtochten.

          Philippus van Macedonië onderneemt een aanval op Euboea. Begin van de 1e

          Samnietische oorlog.

 

          342 20

          ‑‑‑‑‑‑‑‑--

          In Sidon komt er weer een reguliere koning: Straton II.

          Pnytagoras doodt Evagoras II, die het alsnog waagt om zich op Cyprus te

          vertonen.

          Philippus van Macedonië begint aan de onderwerping van Thracië.

 


 

          341 21  Wijding CIS I 10 te Kition.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑----------------

          Magnanini, Kition 23:

          bymm 6 lyrh. bl bsjnt 21 lm[lk pmyytn mlk kty w]

          'dyl wtmsj bn mlk mlkytn mlk kty w'dyl mzbh. '[z]

          w'rwm 'sjnm 'sj ytn bd' khn rsjp h.s./z bn ykn

          sjlm bn 'sjmn'dn l'dny lrsjp h.s./z ybrk

 

          Op de 6e dag van de maand BUL van het 21e jaar van de ko[ning PMYYTN,

          koning van Kition en] Idalion en Tamassos, zoon van koning MLKYTN.

          koning van Kition en Idalion, werd opgericht dit altaar met twee

          branders (?) en gewijd door Bodo, priester van Resjef, die de weg

          wijst*, zoon van Yakon‑sjillem, zoon van Eshmoen‑adon voor de heer

          Resjef, die de richting aangeeft*. Dat hem goed wordt gedaan.

 

          *: ofwel van de bliksem.

 

          Over rsjp h.s./z wordt geredetwist. h.s. kan het licht/bliksem betekenen

          en h.z kan de speerpunt of de pijl betekenen.

 

 Inscriptie CIS I,10 wijst er op, dat de koning Pymiaton in de 4E eeuw v.C. regeerde over Kition, Idalion en Tamassos samen. De god Ršp-h.s. wordt in deze inscriptie eveneens genoemd. In andere inscripties (bijvoorbeeld CIS I, 89-94) komt te Idalion echter een god Ršp-mkl naar voren.

 

          Stamboom:

 

          Esjmoen‑adon >> De grootvader kan nog het begin van de regering van

          V               Milkyaton hebben meegemaakt (c.390?).

          V

          Yakon‑sjillem >> De vader kan het eind van de regering van Milkyaton

          V                nog hebben meegemaakt (c.365?).

          V

          Bodo (priester van Reshef)

 

          340 22

          ‑‑‑‑‑‑---

          Timoleon verslaat op Sicilië de Carthagers desastreus. Dit zal mede tot

          gevolg hebben, dat Carthago besluit om later niet gewapenderhand in te

          grijpen bij de ondergang van de moederstad Tyrus. Er is twijfel over het

          exacte jaar van dit gebeuren.

 

          339 23

          ‑‑‑‑‑‑---

          Vrede tussen Timoleon en Carthago. Het gevolg is, dat de Griekse steden op

          Sicilië weer democratisch worden en dat Carthago zijn machtstelling behoudt.

 

          338 24

          ‑‑‑‑‑‑----

          Slag bij Chaeronea: Philippus overwint de Grieken. Op diverse plaatsen

          komen nu Macedonische garnizoenen. In het Perzische rijk komt Arses aan

          de macht, maar dit heeft niet veel voeten in de aarde.

 

          337 25

          ‑‑‑‑‑‑----

          Congres van Corinthe. De Grieken wordt autonomie gegarandeerd, maar wel

          onder de leiding en bescherming van Macedonië. De Griekse confederatie

          verklaart Perzië de oorlog!

 

          336 26

          ‑‑‑‑‑‑---

          Parmenion komt met 10.000 Macedoniërs over de Hellespont om de Klein‑

          aziatische Grieken te bevrijden. Philippus wordt vermoord. Alexander III

          neemt het bewind over. Darius III wordt de opvolger van Arses in Perzië.

 

          335 27

          ‑‑‑‑‑‑---

          Met Perzisch geld wordt in Griekenland een opstand georganiseerd tegen

          de Macedoniërs. Dit wordt door de verwoesting van Thebe door Alexander

          snel de kop in gedrukt. Omstreeks deze tijd regeert in Byblos: Ainel.

 

          334 28

          ‑‑‑‑‑‑---

          Alexander valt Klein‑Azië binnen en wint in de veldslag aan de Granicus.

 

          333 29 

          ‑‑‑‑‑‑---

          Alexander's tocht door Cappadocië. In november de slag bij Issus.

          Diverse Fenicische smaldelen zijn echter actief in de Egeïsche zee. Of

          ook Kition daaraan deelneemt is ongewis. In Amathos komt Androclès aan

          de macht.


 

 

          332 30  Helpt bij beleg van Tyrus? / afstand van Tamassos.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑-------------------------------

          Wanneer Pumayyton ziet, dat niets Alexander zal kunnen tegen houden,

          gooit hij het roer snel om en dat doen de meeste Fenicische steden. Hij

          stuurt Alexander een geschenk (zwaard) en gaat wellicht helpen bij het

          beleg van Tyrus. De stad Tamassos moet hij echter afstaan aan

          Pnytagoras. Het is kennelijk de prijs, die Pumayyaton moet betalen om

          aan de macht te mogen blijven. De helpers van Cyprus bij Tyrus, die

          expliciet worden genoemd, zijn: Soloi, Salamis, Kourion (Arrianus,

          Anabasis II 20+22).

          Alexander onderneemt een veldtocht naar Egypte.

 

          331 31

          ‑‑‑‑‑‑----

          Alexander is weer terug in Syrië. Slag bij Gaugamela en de systematische

          verovering van het Perzische wereldrijk. In Sidon komt Abdalonymus aan

          het bewind.  In Salamis komt de laatste koning op de troon: Nikokréon.

          In Lapethos wordt Bereksjemesj vervangen door Praxippos II. In bijna

          alle (Fenicische) plaats komt het tot een wisseling van de wacht. Alleen

          Azimilk van Tyrus en Pumayyaton van Kition kunnen hun positie

          klaarblijkelijk behouden.

 

          330 32

          ‑‑‑‑‑‑---

          Alexander naar Oost‑Iran. Een opstand in Sparta wordt door Antipater

          onderdrukt.

 

          329 33

          ‑‑‑‑‑‑---

          Alexander in Bactrië.

 

          328 34  Wijding uit Dromolaxia.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑----------------

          Deze plaats ligt op enige kilometers ten zuidwesten van Kition.

          De inscriptie bevindt zich in het museum te Larnaka.

          Magnanini Kition nr.92:

          1.[bymm ..] lyrh. p*lt bsjnt 34 lmlk pmyytn mlk kty w'd[yl]

          2.[bn ml]k mlkytn mlk kty w'dyl sml 'z 'sj ytn wyt.n'

          Vertaling:

          1.[op de dag ..] van de maand Paalot in het 34e jaar van de koning

          Pumayyaton, koning van Kition en Ida[lion

          2.zoon van ko]ning Milkyaton, koning van Kition en Idalion, werd dit

          beeld gewijd en opgericht.

 

 


 

          327 35

          ‑‑‑‑‑‑----

          Alexander dringt door tot in Indië.

 

          326 36

          ‑‑‑‑‑‑---

          De 2e Samnietische oorlog begint. Alexander verslaat Porus aan de Indus.

 

          325 37  Wijding en huwelijk te Kition

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑------------------

          Er vindt een huwelijk plaats van [B*lt]ytn met Y'sj, dochter van Sjm*'.

          Sjm*' is weer de zoon van B[*lytn].

 

          324 38

          ‑‑‑‑‑‑---

          Alexander en Nearchus komen terug uit het oosten.

 

          323 39  Alexander sterft: begin van de Diadochen‑oorlogen.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑--------------------------------

          Kroonraad te Babylon. Het rijk van Alexander wordt verdeeld.

 

          322 40  Pumayyaton kiest partij voor Antigones.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑--------------------------

          In het begin lijkt dat een verstandige keuze, want Antigones

          Monophthalmos (=de eenogige) lijkt de winnaar te gaan worden in Syrië.

          Antigones tracht de rijkseenheid ten koste van alles vast te houden.

          Ophellas verovert Cyrene voor Ptolemeus.

 

          321 41

          ‑‑‑‑‑‑----

          Overeenkomst van Triparadisus. Een verdere opsplitsing van het rijk.

          In dit jaar komt het tot een bondgenootschap tussen Ptolemeus van Egypte

          en Nikokreon van Salamis (Arrianos FGrH 156,10.6). Dat gaat zeer

          bedreigend worden voor Pumayyaton. Het blijkt, dat Nikokreon van

          Salamis, Nikokles van Paphos, Pasikrates van Soloi en Androkles van

          Amathos gezamenlijk het beleg slaan voor Marion (Arrianus 156 F 10, 6

          FGH).. Marion krijgt echter hulp van Perdikkas, die een cetrale rol in

          Klein‑Azië speelt. Antigones wordt bevelhebber van de regent Antpater

          over het rijk. Bij dit geweld houdt Kition zich kennelijk muisstil. De

          Romeinen worden verslagen in de Caudijnse passen.


 

          320 42  De Kilikiër‑inscriptie.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑------------

          Un 'iscrizione fenicia da Cipro, V.Karageorghis+M.G.Guzzo Amadasi, RSF 1

          (1973), blz 129‑134.

 

          1.[b]yrh. 'tnm bsjnt 42 lmlk pmyytn mlk kty w'dyl bn mlk mlkytn mlk

          2.[kt]y w'dyl smt 'z 'sj ndr wyt.n'  *bd' bn klky bn *bd' bn sjmr rb

          3. ... rm *l bny *t klky l'dny l'sjmn k sm* ql ybrkn

 

          Vertaling:

          1.In de maand Etanim van het 42e jaar van de regering van Pumayyaton,

          koning van Kition en Idalion, zoon van de koning Milkyaton, koning

          2.van Kition en Idalion. Dit is het beeld, dat gewijd werd en geofferd

          werd door Abdo, zoon van KLKY, zoon van Abdo, zoon van Sjamor, [...]

          voor zijn zoon KLKY aan zijn heer Esjmoen, omdat hij zijn stem gehoord

          heeft. Dat hij mij goed doet.

 

          In het opengelaten deel zou goed kunnen staan rb [sp]rm = hoofd van de

          schrijvers.

          Verder is het opmerkelijk, dat voor het eerst in Kition Esjmoen alleen

          wordt genoemd en niet met de combinatie ‑Melqart.

          Voorts kan de naam KLKY ook betekenen: de Kilikiër.

 

          Stamboom:

 

          Sjamor         (c.395?)

          V

          Abdo           (c.370?)

          V

          KLKY           (c.345?)

          V

          Abdo (chef van de schrijvers)

 

          In dit jaar valt Ptolemeus Phoenicië en Coele‑Syrië binnen volgens

          Diodoros (XVIII 43). Zijn leger staat onder de leiding van Nicanor en

          die neemt de satraap Laodemon gevangen, onderwerpt het gehele land en

          legt overal garnizoenen.

 

          319 43

          ‑‑‑‑‑‑----

          Antigones verslaat Eumenes en wordt heerser over Klein‑Azië.

          Ptolemeus annexeert Syrië. Dood van Antipater.

 

          318 44

          ‑‑‑‑‑‑---

          In Syracuse begint zich Agathocles te roeren. Syracuse gaat deze jaren

          gebukt onder staatsgrepen, verbanningen en tirannen. De Carthagers zijn

          er ook bij betrokken en zij kiezen veelal de kant van de adel.


 

          317 45

          ‑‑‑‑‑‑---

          Een staatsgreep en moordpartij brengt Agathocles aan het bewind te

          Syracuse.

 

          316 46

          ‑‑‑‑‑‑‑--

          Volgens Diodoros (XIX 10) zijn de Romeinen dit jaar al 9 jaar in oorlog

          met de Samnieten. Croton maakt een vredesverdrag met de Bruttiërs. In

          Griekenland begint de herbouw van Thebe.

 

          315 47

          ‑‑‑‑‑‑---

          Seleucus, Ptolemeus, Cassander en Lysimachus sluiten een verbond tegen

          Antigones.

          Volgens Diodoros (XIX 58) valt Antigones in dit jaar Phoenicië binnen.

          Hij is er op gebrand een vloot samen te stellen, want zijn vijanden

          beheersen tot dan toe de zee. Zijn legerplaats is het "oude"‑Tyrus en

          daar geeft hij instructies voor de bouw van schepen. Daar zijn 8000 man

          mee bezig om het hout uit de Libanon te halen en de scheepswerven zijn

          te Tripolis, Byblos en Sidon. Antigones zit met het gegeven, dat

          Ptolemeus de Fenicische vloot inclusief de bemanningen vast houdt in

          Egypte. Op dat moment arriveert Seleucus (in dienst van Ptolemeus)

          vanuit Egypte met 100 schepen voor de Fenicische kust met de bedoeling

          dat te gaan plunderen.

          Antigones heeft dit jaar ook een gezant naar Cyprus gestuurd: Agesilaós.

          Die komt met het bericht terug, dat de koningen van Kition, Lapethos,

          Marion en Ceryneia een verbond met hem hebben gesloten, maar dat

          Nikokreon en de meest machtige van de andere koningen in verbond zijn

          met Ptolemeus (Diod.XIX 59). Wie zijn die meest machtige andere

          koningen? Waarschijnlijk Amathos, Soloi en Paphos.

          Antigones laat met 3000 man Andronicus verder de belegering van Tyrus

          doen en gaat zelf in de richting van Joppe en Gaza. In deze plaatsen

          worden garnizoenen gelegd en hij keert terug naar het "oude"‑Tyrus.

          Inmiddels heeft Aristodemus voor zijn heer Antigones in Laconië 8000

          huurlingen geworven en die worden ingezet in Carië, dat over de zee door

          Ptolemeus wordt bedreigd. Ondertussen heeft Tyrus een 15 maanden durend

          beleg te doorstaan. Tyrus en Kition gaan in ieder geval sinds 332 v.C

          hun eigen weg en staan zelfs nu tegenover elkaar. Toch is er ook nu geen

          handvast bericht, dat Kition daadwerkelijk aan de belegering deelneemt!

          Op Cyprus heeft Seleucus dan Cercyneia en Lapethos weten te bemachtigen

          en krijgt de steun van Stasioecus van Marion. Hij dwingt de regeerder

          van Amathos tot een garantie (wat dat ook moge betekenen) en verzamelt

          alle troepen op Cyprus voor een belegering van Kition.

          Zo langzamerhand krijgt de vloot van Antigones gestalte. Het zouden er

          240 in totaal zijn geweest. Een deel van deze vloot (50) gaat naar de

          Peloponessos en de rest gaat onder bevel van Dioscorides de bondgenoten

          langs de kust en op de eilanden helpen.

          Ondertussen probeert Agathocles op Sicilië zijn macht uit te breiden

          door een aanval op Messana. De Carthagers interveniëren hier en dwingen

          de tiran om zich terug te trekken.

 

          314 48

          ‑‑‑‑‑‑---

          In Italië overwinnen de Romeinen de Samnieten in een grote veldslag te

          Saticula. Op Sicilië schendt Agathocles alle vorige afspraken en bereidt

          zich voor op een oorlog met de Carthagers (Diod.XIX 72).

 

          313 49

          ‑‑‑‑‑‑---

          Het einde voor Pumayyaton en zijn stad Kition nadert. Het beleg wordt

          steeds nijpender. Weliswaar vormt de haven een van de uitvalsbases voor

          de vloot van Antigones en Demetrius, maar andere steun op het eiland

          zelf is niet of nauwelijks meer aanwezig. Omstreeks deze tijd zal

          Idalion al in handen zijn van (de bondgenoten van) Ptolemeus.

 

          312 50  Pumayyaton sterft te Kition.

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑------------------

          In dit jaar valt Kition en Pumayyaton wordt geëxecuteerd (Diod.XIX

          79,4). Daar waar Alexander nog het leven van Azimilkos spaarde te Tyrus,

          daar wordt nu door Ptolemeus finaal een streep gezet onder een

          Fenicische koningstraditie. Over Cyprus gaat nu een "supervisor" regeren

          en wat later zal dat een algemeen goeverneur worden.

          Ptolemeus overwint ook Demetrius (zoon van Antigones) bij Gaza in

          Palestina en rukt op naar Phoenicia. Het garnizoen van Andronicus bij

          Tyrus slaat aan het muiten. Ook Sidon valt in de handen van Ptolemeus.

          Seleucus houdt nog een plundertocht, maar uiteindelijk trekt het leger

          van Ptolemeus zich weer terug op Egypte. Antigones herstelt zich en valt

          de Nabataeërs aan.

          Op Sicilië weet Agathocles eindelijk Messana in handen te krijgen.

          De lokale dynastieën van Cyprus worden afgeschaft. Praxippos II van

          Lapethos is daar de laatste koning. Nikokreon van Salamis krijgt als

          opvolger de broer van Ptolemeus: Menelaos. Androcles van Amathos heeft

          al een jaar eerder het veld moeten ruimen.

          In het jaar 311 v.C begint er in Kition een nieuwe jaartelling.

          De strijd tussen de diadochen zal echter nog jaren doorgaan, totdat de

          Romeinen definitief orde op zaken komen stellen.

 

 


 

Slot:

Pumayyaton ziet zijn stadsstaat langzaam steeds meer vergrieksen. Hij leeft in een tijd, waarin de macht van het Perzische wereldrijk zienderogen taant, alhoewel het nog af en toe een vernietigende kracht weet te ontketenen. Pumayyaton moet weet gehad hebben van de ontwikkelingen in de Griekse wereld via in ieder geval zijn Griekse onderdanen. Zijn contacten met de Fenicische steden op het vasteland zullen intact gebleven zijn. Wat er in het westelijke deel van het Middellandse zeegebied gebeurde, daar zal hij minder van op de hoogte zijn geweest. Hij ziet in ieder geval, dat Carthago niet bij machte is, of niet van zins is om Tyrus te helpen. Hij trekt daarom de enig juiste conclusie en dat is om te proberen te overleven in een van Grieken gedomineerde wereld. Zolang Alexander leeft, gaat dat nog wel, maar zodra de opvolgers van Alexander elkaar naar het leven gaan staan, is het gokken geworden van op welk paard nu te wedden. Nu eens wint het ene paard, dan weer het andere. De ondergang is daardoor onontkoombaar.

 

          H.R.van Diessen

          Apeldoorn, 2004.

 

 


 

Bijlage


 

PUMAYYATON

 

 Op de grote gedenkpenning van Carthago (CIS I, 6057-KAI 73) lezen we de naam van pgmlyn. Dit heeft geleid tot diverse interpretaties. Een relatie is mogelijk met de koning pmyytn van Cyprus, die Diodoros de naam van Pygmalion gaf.

 

 

1.20.CIS inscriptiones Phoeniciae [Yehavmelek,Tabnit,4,Baal‑Samen,10,

                                  Pumyaton,85,86,88=Idalion,95=Lapethus]

         inscriptiones Phoeniciae in insulis Melita et Gaulo repertae

 

13.18.6.92.Carthage: Medaillon CIS I 6057 Peckham >l*štrt lpgmlyn

 

13.19.2.68.Kition CIS I 10 ršp h.s. 21e jaar Pymiaton A.Caquot/O.Masson

 

30.1 CIS                                       fragmenten 20 t/m 94

     corpus inscriptionum semiticarum          latijns

 ncfps

See for more information and in the English language:

 


 



 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten