donderdag 18 april 2013

Azrubaal


 

          HASDRUBAL

          *zrb*l (fen‑pun), As(d)rubas, Ozerbalos (gr), (H)asdrubal, Az(z)rubal,

          Azdrubal, Azrubalis (lat). Er is een verschil tussen AZRUBAAL en

          AZORBAAL/OZERBAAL, maar qua betekenis komt het neer op hetzelfde.

          Betekenis: Baal is een hulp, Baal helpt, hulp van Baal, Baal help!

          De naam Hasdrubal komt bij de Puniërs veelvuldig voor.

          Fenicisch   6x

          Punisch   720x

          Neopunisch 13x

          ‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑

          Totaal    749x

 
          Als *zrtb*l (IZRATIBAAL) komt de naam in Fenicisch nog 2x voor (Baal is

          mijn hulp). Zie: Krahmalkov, blz 365.

           Zie:F.L.Benz in: Personal Names in the Phoenician and Punic

          Inscriptions, Rome, Biblical Institute Press, 1972.

          Zie: K.Jongeling, Names in Neo‑Punic Inscriptions, 1984, R.U.Groningen.

          Tussen (haakjes) de nummering in de Dictionnaire Lipinski. Tussen

          {accolades} staat de nummering van Paulys encyclopedie 1912.

          In Romeinse cijfers de volgorde alhier.

 

          Azrubaal I

            Te Byblos is een inscriptie op een spatel gevonden bij de tempel voor de
          "dame" van Byblos. Datering 11e/10e eeuw v.C. Zie:Magnanini blz 32.
          Alleen de laatste letter (y) van de eerste naam is leesbaar. Het lijkt
          een oproep te zijn om een twist bij te leggen.

          Azrubaal II

          Op een inscriptie eind 9e eeuw v.C is de naam vermeld samen met die van
          Adonbaal. De herkomst is onzeker, maar stamt in ieder geval uit het
          gebied van Syrië/de Libanon. De inscriptie dook op in een collectie uit
          Damascus. Zie: Magnanini blz 32.

          c.925   'dnb*l      Adonbaal

                  V

          c.900   *zrb*l      Azrubaal

          Ozerbaal III

          Koning van een Fenicische stad vanuit de 8e of 7e eeuw v.C. Welke is tot
          op heden niet achterhaald. Hij wordt genoemd op een zegelinscriptie van
          een van zijn hoogwaardigheidsbekleders (l*zm *bd *zrb*l). Zie Catalogus
          (6) van Bordreuil. In het grieks wordt hij OZERBALOS genoemd.

          Hasdrubal IV (1) {1}

          Zoon (of kleinzoon?) van Mago (1) in de 6e eeuw(ca.520). Hij verovert
          een aanzienlijk deel van Sardinië, maar sterft daar aan een verwonding
          (Just.XIX 1,2). Hij was 11 maal 'dictator' en triomfeerde 4 maal. Nadat
          hij zwaar gewond was geworden droeg hij het opperbevel over aan zijn
          broer Hamilcar (Just.XIX 1,2‑4). Door zijn optreden kon Carthago tot 238
          v.C over het eiland Sardinië blijven regeren (Just.XIX 1,7.19).
 
          Hasdrubal V {2}
           Zoon van de vorige Hasdrubal. Is bevelhebber in de 5e eeuw van Carthago
          (Just.XIX 2,1‑6). Hij treedt op met zijn broers Hannibal en Sapho.
          Wellicht zit hier een verwarring met de vorige Hasdrubal!

          Hasdrubal VI

          De naam komt voor op een inscriptie, die in de tuin Birochi te Cagliari
          werd gevonden. De zijkant is helaas afgebroken, waardoor we niet zeker
          weten, of het een doorlopende genealogie is, of een opsomming van namen
          van personen uit dezelfde periode. De inscriptie werd gemaakt in de 3e
          eeuw v.C door Esjmoenyaton en ...bmqr. Als er inderdaad sprake is van
          een doorlopende genealogie van met name Esjmoenyaton, dan zou het
          volgende beeld kunnen ontstaan:

          c.525   Magon   hoofd van de priesters

                  V

          c.500   Hasdrubal

                  V

          c.475   Bodmelqart x *b...

                  V

          c.450   Germelqart

                  V

          c.425   bd*

                  V

          c.400   Magon x *ms.'

                  V

          c.375   ? x knsjy

                  V

          c.350   Arisj

                  V

          c.325   Arisj x ...mlqrt

                  V

          c.300   Mattan

                  V

          c.275   *bd'..x..b]mlqrt

                  V

          c.250   Esjmoenyaton


          In dit geval moet deze Hasdrubal dus omstreeks 500 v.C thuishoren bij
          normale cycli van c.25 jaren. Een dergelijke lange stamboom is echter
          vrij ongebruikelijk om die op inscripties terug te vinden. Bovendien
          worden de echtgenoten hoogst zelden weergegeven. Voor een enkele
          genealogie pleit het feit, dat diverse namen meer malen terugkomen,
          zoals de Melqarts, Magon, Arisj.
          Het is ook opmerkelijk, dat het begin van de stamboom aansluit bij
          gesignaleerde historische personen (Mago+Hasdrubal1) uit de 6e eeuw v.C.
          Bovendien speelt in beide gevallen het eiland Sardinië een belangrijke
          rol. Het kan toeval zijn, maar het blijft opmerkelijk.
          Niettemin is het aannemelijker, dat diverse families in ongeveer
          dezelfde periode (3e eeuw v.C) zijn weergegeven. In dat laatste geval
          kan deze Hasdrubal tot de 5e te onderscheiden familie behoren.

          1e familie:

          c.325   Arisj

                  V

          c.300   Mattan

                  V

          c.275   *bd'..x..b]mlqrt

                  V

          c.250   Esjmoenyaton

          2e familie

          c.300   knsjy

                  V

          c.275   Arisj

                  V

          c.250   ...mlqrt

          3e familie

          c.275   *ms.'

                  V

          c.250   .....

          4e familie

          c.325   Bodmelqart

                  V

          c.300   Germelqart

                  V

          c.275   bd*

                  V

          c.250   Magon

          5e familie

          c.300   Magon   hoofd van de priesters

                  V

          c.275   Hasdrubal

                  V

          c.250   *b...

          Overigens zijn er ook nog andere (tussen)oplossingen denkbaar.


          Azrubaal VII

          Op de tempel van Osiris in Abydos (Egypte) zijn vele graffiti
          aangebracht. Datering 5e‑3e eeuw v.C. Hieronder komen we ook de naam na
          Azrubaal tegen. Zie Magnanini blz 67. Wanneer als uitgangspunt het
          jaartal 350 v.C wordt gekozen, dan ontstaat de volgende stamboom:

          c.400   *zrb*l  Azrubaal

                  V

          c.375   mtny    Matany?

                  V

          c.350   'sjmn'dny   Esjmoenadony?


          Azrutbaal VIII

          Op de tempel van Osiris in Abydos (Egypte) zijn vele graffiti
          aangebracht. Datering 5e‑3e eeuw v.C. Hieronder komen we ook de naam na
          Azrutbaal tegen. Zie Magnanini blz 67. Wanneer als uitgangspunt het
          jaartal 350 v.C wordt gekozen, dan ontstaat de volgende stamboom:

          c.375   *zrtb*l Azrutbaal

                  V

          c.350   *bdssm  Abdsasm
 

          Hasdrubal IX (2) {3}

        Een Carthaagse generaal tijdens de veldtocht in 342 v.C tegen Timoleon van
        Syracuse (Plut.Tim.XXV 3 + XXX 4). Zijn medegeneraal is Hasdrubal. Beiden voeren
        het Carthaagse leger naar de ondergang aan de Crimisos op Sicilië. Over de
        datering bestaat verschil van mening. Meltzer houdt het op het jaar 343 en
        Beloch en Freeman rekenen naar het jaar 339 v.C. Volgens Plutarchus vond de
        veldslag plaats op de 27e Thargelion (2e helft van juni).
        Beloch vermoedt, dat de plaats van de veldslag die van de Fiume freddo is
        tussen Calatafimi en Alcamo. Anderen (Holm, Freeman & Meltzer) houden het op de
        zuidelijke Crimisos, een zijrivier van de Hypsas (=Belice) in de buurt van
        Selinous. Zowel Hamilcar (2) als Hasdrubal (2) worden afgelost door Gersakon
        (3), de zoon van Hanno (9). Zie Diod.XVI 81,3. Van de Hamilcar V (2) zijn verder
        geen gegevens of familieleden bekend.
 
          Azrubaal X

          Inscriptie te Tharros op Sardinië vermeldt de naam. Datering 4e eeuw
          v.C. Zie: Amadasi blz 103. Het is het graf van b*l'zbl, de echtgenote
          van Azrubaal. Met 350 v.C als uitgangsdatum:

          c.375   mqm

                  V

          c.350   *zrb*l x b*l'zbl
 
          Azrubaal XI

          In Carthago vinden we een inscriptie van omstreeks 350 v.C, die
          opgesteld werd door een Arzubaal. Hij was de zoon van Bodasjtarte en zijn
          grootvader heette Maharbaal.


          Azrubaal XII
 
         Een wijdingsinscriptie aan Melqart te Tharros uit de 3e‑2e eeuw v.C  De
          wijding werd gedaan door h.my, maar tot zijn voorouders kan ook een
          Azrubaal gerekend worden. Met als uitgangsdatum 200 v.C ontstaat
          mogelijk de volgende stamboom:

          c.325   h.my

                  V

          c.300   *zrb*l      azrubaal

                  V

          c.275   grskn       gersakon

                  V

          c.250   mhrb*l      maharbaal

                  V

          c.225   ...... ?

                  V

          c.200   h.my

          Alle genoemde personen zijn overigens suffeten. Bovendien worden er ook
          suffeten genoemd van een qrth.dsjt. Indien daar Carthago mee bedoeld is,
          dan kan de datering wellicht nog 50 jaar eerder uitvallen, aangezien
          Tharros in 238 v.C overging in Romeinse handen. Zie Amadasi blz 109‑110.
 

          Hasdrubal XIII (3) {4}

          Zoon van Hanno. Bevelhebber van het Carthaagse leger in de strijd tegen
          Regulus. Hij wordt bij Adyn verslagen in 256 (Zonaras VIII 13). Toch zet
          hij na de hulp van Xanthippus in Afrika de strijd verder op Sicilië. Hij
          verovert Akragas (Diodoros XXIII 18), maar lijdt in juni 251 v.C (?)
          voor Panormus een grote nederlaag (Polybios I 40,1 + Diodoros XXIII 22).
          In Carthago wordt hij daarop terechtgesteld. (Zonaras VIII 14).

          Hasdrubal XIV de luisterrijke (4) {5}.

          Schoonzoon van Hamilcar Barcas. Tegen het einde van de 1e Punische
          oorlog is hij de volksleider in Carthago (Appianos Iber.4). Volgens een
          bericht van Livius (XXI 2,3) en Nepos (Hann.3) zou hij een ontoelaatbare
          relatie met Hamilcar hebben gehad. Hij trouwt niettemin een van zijn
          dochters. Hij gaat in 237 mee naar Spanje en volgt Hamilcar Barcas in
          229 op (Polybios II 1,9). Hij is in 228/227 de stichter van Carthago‑
          Nova (Polybios II 13,2) en sluit het Ebro‑verdrag in 225 met de Romeinen
          (Polybios II 13,7). In 221 wordt hij vermoord (Polybios II 36,1‑2).
          Tussen de bedrijven door onderdrukt hij in Afrika ook nog een Numidische
          opstand (Diodoros XXV 10). Hij huwt een Spaanse prinses (Diodoros XXV
          12) en bereikt veel met diplomatie. Zijn positie in Spanje grensde aan
          koningsschap. Hij bouwt in Carthago‑nova zijn eigen paleis. Hij geeft
          geld uit, waarop hij staat afgebeeld in hellenistische stijl met een
          diadeem. Zie:E.S.G.Robinson, Punic Coins of Spain, Oxford 1956 p.34‑53.

          Hasdrubal XV {6}

          Een lid van de Barcidische partij, die in 218 vermoedelijk gepleit heeft
          voor een confrontatie met de Romeinen [Zonar VIII 22]. Dit gebeurde toen
          het oorlogsgezantschap van de Romeinen in Carthago verscheen om
          genoegdoening te eisen.
 
          Hasdrubal XVI (5) {7}

          Zoon van Hamilcar Barca en broer van Hannibal & Mago. Hij volgt in 218
          Hannibal Barcas op als bevelhebber over Spanje (Polybios III 33,6 +
          Livius XXI 22,1‑4). Hij ijlt zijn verslagen onderbevelhebber Hanno te
          hulp in Noord‑Spanje en behaalt een overwinning (Polybios III 76,8‑12 +
          Livius XXI 61,2‑3). In 217 valt hij samen met Hamilcar (vloot!) opnieuw
          noord‑Spanje aan. De vloot wordt verslagen, Hasdrubal weet wel over de
          Ebro te komen, maar moet omkeren vanwege een Iberische opstand, waarbij
          hij 19.000 man verliest! (Polybius III 95,1‑96,6 + Livius XXII 19,1‑
          20,2/21,1‑8). In 217 heeft hij ook te maken met nieuwe problemen:verraad
          van Abilux en Bostar (Polybios III 97,1‑99,9 + Livius XXII 22,1‑2). In
          216 krijgt hij versterking:4000 man voetvolk en 1000 ruiters (Livius
          XXII 26,2). Daarmee worden de Tartessiërs bedwongen. Hij weigert dan
          naar Italië te gaan, omdat anders Spanje verloren zal gaan. Dan komt
          Himilco met versterkingen en pas dan gaat hij op weg. De Scipio│s vangen
          hem echter op en hij wordt verslagen aan de Ebro (Livius XXIII 27,9‑
          28,6/29,1‑11). In 215 komt Mago aan met versterkingen (12.000 man
          voetvolk en 1500 ruiters. Opnieuw wordt hij echter bij Intibili en
          Illiturgi in de buurt van de Ebro overwonnen (Livius XXIII 49,5‑14). In
          214 overwint in de lente Hasdrubal eerst nog opstandige stammen (Livius
          XXIV 41,1), maar daarna is Hasdrubal in Afrika aanwezig om een opstand
          van Syphax te bezweren (Livius XXIV 48,2 + Appianos Iber.16). In 213
          verliezen Mago en Hasdrubal, zoon van Gersakon, veel terrein in Spanje.
          In 212/211 is Hasdrubal weer in Spanje met zijn leger te Amtorgis en in
          een dubbelslag worden de broers Scipio volledig met hun leger vernietigd
          (Livius XXV 32‑36). In 211/210 weet Nero Hasdrubal tussen de steden
          Illiturgi en Mentissa in te sluiten, maar door een list weet hij weer te
          ontsnappen en gaat te Sagunto in winterkwartier (Livius XXVI 17,20). In
          210 wordt Spanje weer goeddeels door de Carthagers heroverd tot aan de
          Ebro. In de herfst van 210 belegert Hasdrubal nog een stad van de
          Carpetanen. In 209 gaat Carthago‑Nova verloren. In 208 ontvangt
          Hasdrubal weer versterkingen en weet bij Baecula de doortocht af te
          dwingen naar het noorden (Polybios X 38 over het jaar 208 + Livius XXVII
          18 over het jaar 209). Nog in hetzelfde jaar 208 overschrijdt hij de
          Pyreneëen (Appianos Iber.28). In 207 gaat hij de Alpen over, belegert
          Placentia en gaat na een maand in de richting van de Metaurus, waar hij
          en een groot deel van zijn leger het einde vinden tegen twee consulaire
          legers. De slag aan de Metaurus vindt waarschijnlijk plaats op 24 juni
          207 in de buurt van Fanum Fortunae [Liv.XXVII,Zonar.IX,Polyb.XI,Ovid VI
          en Appian.Hann.]
           Waarschijnlijk werd deze Hasdrubal in 241 geboren en
          hij sneuvelde in 207. Hij werd dus ca.34 jaar oud. Zie voorts:
          "Hasdrubal,een vergeten man in de schaduw van zijn broer", H van
          Diessen, Apeldoorn‑1986.


          Hasdrubal XVII (10) {9}
 
         Hasdrubal de Kale. Hij wordt tijdens de 2e Romeins‑Punische oorlog in
          215 belast met een expeditie van 10.000 man naar Sardinië, maar wordt
          door een storm naar de Balearen gevoerd. Eenmaal op Sardinië wordt hij
          met Hampsicoras verslagen.[Liv.XXIII 32+34+40]. Hij geraakt in
          gevangenschap.


          Hasdrubal XVIII (8) {10}

          Zoon van Gisgo/Gersakon. Hij levert tijdens de 2e Romeins‑Punische
          oorlog strijd in Spanje. In 214/213 verliest hij diverse veldslagen
          (Livius XXIV 41,42). Hij wint echter in 212 met de broers Barcas tegen
          de broers Scipio. Er schijnt dan onenigheid tussen de Carthaagse
          generaals te zijn uitgebroken (Polybios IX 11,1‑4 + X 7,3). In 211 houdt
          hij de Ebrolinie. In 210 ligt hij in winterkwartier aan de Taagmonding
          (Polybios X 7,5). In 209 en 208 worden geen grote acties door hem
          gehouden, maar hij schijnt hard opgetreden te zijn tegen de Spanjaarden.
          Zijn hebzucht is enorm. In 207 houdt hij zich op bij Orongis. Hij wordt
          in 206 bij Ilipa verslagen (Polybios IX 20,1‑24 + Livius XXVIII 14‑15 +
          Appianos Iber. 25‑28). Hierna vindt de merkwaardige ontmoeting plaats
          tussen deze Hasdrubal, Syphax en Scipio. Hij huwelijkt zijn dochter
          Sophonisba uit aan Syphax, die daarna de Carthaagse zaak dient (Livius
          XXVIII 24). In 205 bevindt hij zich te Carthago. In 204 na de landing
          van Scipio verzamelt hij een groot leger (30.000 man voetvolk en 3000
          ruiters) en dwingt Scipio om de belegering van Utica op te geven (Livius
          XXIX 35). In 203 wordt hij echter met Syphax bij Castra Cornelia en op
          de Grote Vlakten verslagen (Polybios XIV 1,1‑6/8,1‑11 + Livius XXX 5‑6/8 
          + Appianos Lib 18‑23). Hij wordt door Carthago ter dood veroordeeld.
          Ondertussen blijft hij guerilla voeren tegen de Romeinen. Hannibal neemt
          het voor hem op bij zijn terugkeer, maar deze Hasdrubal waagt het niet
          meer om in Carthago te komen en neemt vlak voor Zama gif in. Zijn zoon
          is Hanno {23}. Zijn dochter Sophonisba moet gif innemen te Cirta bij de
          aankomst van de Romein Laelius.
 
           Hasdrubal XIX (9) {8}

          Algemeen kwartiermeester van Hannibal Barcas (Polybios III 93,4). Na de
          slag bij Ticino voert hij het leger over de Po, terwijl Hannibal
          vooruitsnelde naar Placentia (Polybios III 66,6). In het gebied van de
          Falerniërs leidt hij de list met de runderen (Polybios III 93,4). Bij
          Gerunium voert hij bevel over 4000 man te hulp snellende troepen
          (Polybios III 102,6). Bij Cannae voert hij in 216 de zware ruiterij aan
          (Polybios III 114,7) en verdwijnt dan uit de overleveringen. Wellicht
          komt hij om in de veldslag. Zie: ook Appianos, Zonaras IX.
 

          Azrubaal XX
 
         Een inscriptie van c.250 v.C vermeldt een Azrubaal te Panormus. Hij
          wordt gedateerd op de 3e/2e eeuw v.C. aangezien in 251/250 zowat alle
          inwoners door de Romeinen werden afgevoerd, is het aannemelijk, dat het
          jaar c.250 als uitgangspunt gekozen kan worden. De vader van Azrubaal
          heette mslh.. Zie Amadasi.


          Hasdrubal XXI (11) {11}

          Hasdrubal, de zeekapitein. Admiraal van de Carthaagse vloot, die in 203
          Hannibal in Italië ophaalt. [Liv.XXX,Polyb.XV,Appian.Lib+Hann.58].
          Wellicht is hij ook verantwoordelijk voor de aanval op de Romeinse vloot
          bij Utica en voor de aanval op de Romeinse gezanten.

          Hasdrubal XXII (12) {12}
 
          Hasdrubal,"het bokje". Gezant naar de Romeinen. Hij beschermt diverse
          Romeinen tegen de volkswoede (Appianos Lib.34). Hij gaat naar Scipio
          (Appianos Lib.49) en naar Rome om om vrede te vragen. [Liv.XXX 42/ 44,4‑
          11]. Met Hanno is hij het hoofd van de anti‑Barcidische partij tijdens
          de 2e Romeins‑Punische oorlog.
 
          Hasdrubal XXIII (6)

          Zoon van Shapot en hogepriester van het dubbele heiligdom voor Asjtarte
          en Tanit van de Libanon tegen het eind van de 3e eeuw v.C. Zie KAI 81.
 

          Hasdrubal XXIV (7)

         Zoon van Mago en vader van de priesteres Sophonibaal. Hij is de
          schoonvader van Hanno de suffeet en hogepriester te Carthago in 3e/2e
          eeuw v.C. Zie KAI 93 = CIS I 5950.

           Hasdrubal XXV (13)

           De filosoof. Hij leeft van 187/6‑110/09. Deze Carthager emigreert naar
          Athene, waar hij verder leeft onder de naam Clitomachus/Kleitomachos.
          Hij sluit zich aan bij de school van Carneades wordt daar het hoofd van
          de Nieuwe Academie in 127/6. Zie: Pauly/Wissowa Real‑Encyclopedie  XI
          col.656‑659.

          Hasdrubal XXVI (15) {13}

          Hasdrubal de Boetarch (commandant van de buitenlandse troepen). In 150
          verliest hij een veldslag tegen Massinissa te Oroscopa, ondanks 6000
          overlopers als versterking, maar dank zij een slechte terreinopstelling
          [Appianos Lib 70‑71] Hij vlucht vergeefs uit een omsingeling door
          Massinissa en moet kapituleren. In Carthago wordt hij ter dood
          veroordeeld en vlucht (Appianos Lib.74). Hij belegert zelfs even
          Carthago, wanneer hij voldoende overblijvende troepen heeft verzameld.
          In 149 wordt het hem vergeven (Zonaras IX 26, 463d) wanneer de Romeinen
          zijn geland en betrekt hij stelling bij Nepheris (Henchir Bou Baker).
          Daar slaat hij twee aanvallen van o.a. Manilius af (Appianos Lib.102‑
          104). In 148 wordt hij zelfs niet meer door de Romeinen aangevallen. Hij
          geeft in Nepheris het opperbevel aan Diogenes (Appianos Lib.126), hij
          laat de bevelhebber in Carthago (Hasdrubal (14)) vermoorden en hij neemt
          zijn positie in te Carthago (Polybios XXXVIII 7,11). In 147 betrekt hij
          een stelling onder de muren van Carthago (Appianos Lib.111.114), maar de
          verovering van Megara kan hij niet meer voorkomen. Hij onderhandelt met
          Numidiërs en met Romeinen, maar zonder succes. Daarop laat hij de
          krijgsgevangenen op de muren terechtstellen (Appianos Lib.118 + Zonaras
          IX 29. 467a‑468b). Hij verwordt tot een tiran, die ook zijn
          tegenstanders laat opruimen. In de winter van 147/146 heeft hij nog een
          gesprek met Gulussa. In 146 moet hij zijn  legerkamp opgeven. Om de
          opmars van de Romeinen tot staan te brengen laat hij het havenkwartier
          in brand steken. Hij is de laatste verdediger van de Byrsa en werpt zich
          volgens de Romeinse overleveringen aan de voeten van Scipio, terwijl
          zijn vrouw en kinderen zelfmoord plegen in de tempel van Esjmoen.
          [Appian.lib 131,Zonar.IX 30,Diod.XXII,XXVIII,XXXII 23,XXXVIII,Strab.XVII
          3,14,Val.Max.III 2,8,Florus.II 15,Orosius.IV 23].
          Hij stierf in Romeinse gevangenschap.

 
          Hasdrubal XXVII (14) {14}

          Hasdrubal van de Numidische partij. Hij is een neef of kleinzoon van
          Massinissa en wordt door Hasdrubal de Boetarch in de steek gelaten. Het
          volk van Carthago doodt hem, omdat hij de stad aan Gulussa verraden zou
          hebben.[Appian.Lib 93 + 111].
 

          Hasdrubal XXVIII {15}

          Hasdrubal uit Gadir. In 81 krijgt hij van Cn.Pompeius het Romeinse
          burgerrecht (Cicero Balb.51).

          Azrubal XXIX

          Een neopunische inscriptie voorzien van het teken van Tanit komt voor op
          Malta: Aan de heer Baal. Dit werd gewijd door mtnb*l, zoon van *zrb*l,
          zoon van [h?]ql, omdat hij zijn bede heeft gehoord. Dat hij hem zegene.
          Zie: Amadasi blz 42‑43.

          Azrubaal XXX

        Een neopunische inscriptie uit Memphis (Egypte) rept over *zrb*l als
          zoon van mskn. Zie: Magnanini.


          Hasdrubal XXXI (16)

            Een punische geograaf uit de 1e eeuw na Chr. volgens Plinius
          (Nat.Hist.XXXVII 37).

          Ozerbaal XXXII

          Een persoon, die genoemd wordt in een Griekse inscriptie (LBW 1854d) en
          die in Beiroet werd gevonden. Datering 2e/3e eeuw na Chr.
          Opmerkelijk, dat er 1000 jaar verschil zit tussen deze en de eerst
          aangetroffen Ozerbaal.

 ncfps

See for more information and in the English language:

 


 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten