|
AZ(Z)IBAAL
‘zb‘l (fen), A-zi-ba(‘-)al (akk), Azbalos (gr).
Betekenis: Mijn kracht is Baal.
Koning van Kition omstreeks het midden van de 5e
eeuw v.C. Hij was de zoon en opvolger van Baalmilk I. Tijdens zijn regering
moet ergens de annexatie van Idalion hebben plaatsgevonden.
Hij is bekend van eigen munten (BMC Cyprus p.xxxii, 10-13
fig.252:2). Zijn zoon Baalmilk II
noemt hem in twee inscripties.
De annexatie van Idalion wordt door E.Gjerstad gesteld op
470 v.C. Het is zeer de vraag, of Azibaal dan al aan de regering was.
G.F.Hill stelt het jaartal 450 v.C voor. E.Lipinski kiest voor 460 v.C in
zijn Itineraria (blz 90) als compromis. Feit is wel, dat de “Swedish Cyprus
Expedition” uit deze tijd een verwoestingslaag tegenkwam bij hun opgravingen.
In 450/449 v.C zien we, dat Cimon een Atheense expeditie
naar Cyprus onderneemt en probeert om Kition en Idalion in te nemen. Diodorus
(Bibliotheca XII 3,3) schijnt hier ook over te berichten, maar schrijft een
verkeerde plaatsnaam op. Cimon sneuvelt in de gevechten en de Atheners moeten
de belegering opheffen. Dan volgt er nog bij Salamis een zeeslag tegen de
Feniciërs, Ciliciërs en Kypriërs en de Atheense vloot moet zich ook in
449/448 v.C compleet terugtrekken van Cyprus. Deze episode wordt afgesloten
met de z.g. Callias-vrede.
Het is niet te zeggen of dit nu op het eind van de
regering van Azibaal plaatsvond of aan het begin van de regering van Baalmilk
II. Er kan geen hard jaartal genoemd worden voor het begin noch het eind van
zijn regering. Hoogstens kan gezegd worden, dat het begin waarschijnlijk valt
tussen 470 en 450 en het eind tussen 450 en 430 v.C.
Wellicht moeten we rond 450 v.C ook een grote inscriptie
(CIS I 86) uit de Bamboula heuvel plaatsen. Het betreft een lijst van
uitgaven in de administratie van een tempel van Astarte te Kition. Het is
geschreven op een marmeren plaat met zwarte inkt (17 regels). Op een andere
steen staan 4 regels met rode inkt. Het geeft een aardige inkijk in wie er
zoal met de tempel te maken hadden. We komen de volgende beroepen tegen:
bouwers, wachters, zangers, offeraars, bakkers, dienaren, kappers,
ambachtslieden, schrijvers, herders, prostitué’s, meetser van het water,
dienaren in leeuwenkledij met maskers. Wat dat laatste betreft ligt er
misschien een verbinding met de leeuwendracht op de munten van Baalmilk I. Er
wordt zelfs een Carthager Abdobusit genoemd, maar zijn rol wordt niet
toegelicht. Zo’n tempel was dus meer dan alleen een heiligdom. Het was van groot
belang in ook economisch en sociaal-cultureel opzicht.
Zie: J.P.Healy, The Kition Tariffs and the Phoenician Cursive Series
(BASOR 216, 1974). Hij plaatst de
inscriptie in tijd een eeuw eerder (c.550 v.C).
Zie: O.Masson/M.Sznycer, Recherches sur les Phéniciens à Chypre
(Génève/Paris 1972)
- La double inscription phénicienne de Chypre CIS I 86 A + B.
Zij plaatsen de inscriptie in tijd op basis van paleografische
getuigenissen op c.450 v.C.
|
AZ (Z) IBAAL
‘zb'l (s), A-zi-ba (‘-) al (akk), Azbalos (gr). Meaning: My strength is Baal. King of Kition about the middle of the 5th century BC. He was the son and successor of Baal Milk I. During his reign should be somewhere the annexing of Idalion occurred. He is known by its own coins (BMC Cyprus p.xxxii, 10-13 fig.252: 2). His son Baal Milk II mentions him in two inscriptions. The annexation of Idalion is set by E.Gjerstad at 470 BC It is highly questionable whether Azibaal was at that time already on the government. G.F.Hill sets the event on the year 450 v.C. E.Lipinski chooses 460 BC in his Itineraria (page 90) as a compromise. Fact is that the "Swedish Cyprus Expedition" encountered from this time a destruction layer in their excavations. In 450/449 BC, we see that Cimon undertakes an Athenian expedition to It is impossible to say whether it took place at the end of the reign of Azibaal or at the beginning of the reign of Baal Milk II. There can not be mentioned a hard date for the beginning or the end of its administration. At the most it can be said, that the beginning may fall between 470 and 450 and the end of it between 450 and 430 BC. Perhaps we can place around 450 BC a large inscription (CIS I 86) from the Bamboula hill areas. This is a list of expenses in the administration of a See: J.P.Healy, The Kition Tariffs and the Phoenician Cursive Series (BASOR 216, 1974). He places the inscription too early in time a century earlier (c.550 BC). See: O.Masson / M.Sznycer, Récherches sur les Phéniciens à Chypre (Génève / Paris 1972) - La double inscription Phénicienne à Chypre CIS I 86 A + B. They place the inscription in time based on paleographic evidence to c.450 BC. |
dinsdag 19 augustus 2014
Azbaal
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten